-
E1
Parkeerverbod
-
E2
Verbod stil te staan
-
E3
Verbod fietsen en bromfietsen te plaatsen
Toelichting
De verboden gelden voor die zijde van de weg waar het bord geplaatst is. Dit wordt nog eens geaccentueerd door het artikel 65, lid 2 RVV 1990. Door middel van onderborden met een pijl kan de richting aangegeven worden waarvoor het verbod geldt.
-
E4
Parkeergelegenheid
Toelichting
Dit bord is het uitgangspunt. Door middel van de toevoeging van symbolen of aanduidingen wordt met de borden E5 tot en met E12 aangegeven dat de parkeergelegenheid slechts bestemd is voor een bepaalde categorie, dan wel voor het uitvoeren van bepaalde activiteiten.
-
E5
Taxistandplaats
-
E6
Gehandicaptenparkeerplaats
Toelichting
In artikel 26 RVV 1990 wordt omschreven dat op een gehandicaptenparkeerplaats alleen mag worden geparkeerd door een gehandicaptenvoertuig dan wel een motorvoertuig op meer dan twee wielen waarin een geldige gehandicaptenparkeerkaart duidelijk zichtbaar is aangebracht. Een gehandicaptenparkeerplaats kan worden gereserveerd voor bepaalde voertuigen (art. 26 onder c). De reservering wordt bekend gemaakt door een onderbord waarop het kenteken of bijvoorbeeld een verzekeringsplaatje is aangebracht.
-
E7
Gelegenheid bestemd voor het onmiddellijk laden en lossen van goederen
Toelichting
Op een door dit bord aangeduide plaats mag alleen geladen en gelost worden door bestuurders van voertuigen. Ondanks de afbeelding van een vrachtauto geldt dit bord niet specifiek alleen voor vrachtauto's. Overigens is parkeren bij dit bord niet toegestaan.
-
E8
Parkeergelegenheid alleen bestemd voor de voertuigcategorie of groep voertuigen die op het bord is aangegeven
Toelichting
Aan dit bord bleek een behoefte te bestaan. In de verkeersverdragen is ruimte aanwezig om op deze wijze een parkeergelegenheid aan te duiden. De afbeelding van de auto op het verkeersteken is een voorbeeld, ook symbolen van vrachtauto's, autobussen of motorfietsen e.d. kunnen op het bord worden afgebeeld.
-
E9
Parkeergelegenheid alleen bestemd voor vergunninghouders
Toelichting
In het RVV 1966 boden de borden 99a en 99aa aan vergunninghouders de gelegenheid om op voor hen bestemde parkeerplaatsen te parkeren. Op grond van artikel 66 RVV 1990 blijft het mogelijk een zone als parkeergebied voor vergunninghouders aan te merken. Vergunningen tot parkeren op plaatsen bestemd voor vergunninghouders worden afgegeven door het bevoegde gezag. Voor de begripsomschrijving bevoegd gezag; zie artikel 1 onder h RVV 1990. De strafbaarstelling moet geregeld zijn in een plaatselijke (belasting)verordening.
-
E10
Parkeerschijf-zone met verplicht gebruik van parkeerschijf, tevens parkeerverbod indien er langer wordt geparkeerd dan de parkeerduur die op het bord is aangegeven
Toelichting
In artikel 25 RVV 1990 is het parkeren in een parkeerschijfzone nader uitgewerkt. Indien de parkeerschijf-zone een groter gebied omvat, wordt het bord alleen geplaatst op de daarvoor in aanmerking komende toegangswegen tot dat gebied. De parkeerduur van twee uur op het verkeersteken aangegeven geldt als voorbeeld.
-
E11
Einde parkeerschijf-zone met verplicht gebruik van parkeerschijf
Toelichting
Dit bord wordt geplaatst op de plaatsen waar de parkeerschijf-zone wordt verlaten.
-
E12
Parkeergelegenheid ten behoeve van overstappen op het openbaar vervoer
Toelichting
Dit bord dient zowel ter aanduiding van een Parkeer en Reis voorziening als ter verwijzing naar een zodanige voorziening. Naast de onderborden met betrekking tot artikel 24, lid 1 onder d RVV 1990 kan dit bord worden voorzien van een onderbord met richtingpijl en/of een afstandsaanduiding. In de regel worden deze borden geplaatst bij parkeervoorzieningen bij stations van de NV Nederlandse Spoorwegen. Incidenteel komt dit bord ook voor bij parkeervoorzieningen bij busstations.
-
E13
Parkeergelegenheid ten behoeve van carpoolers
Toelichting
Uniformering van aanduiding van deze parkeerplaatsen is geboden in verband met het toegenomen gebruik daarvan. Deze parkeerplaatsen worden voornamelijk aangetroffen bij op- en afritten van autosnelwegen.


